Het valse gemak van de Twitter-politiek
Internet-activisme is in. Er worden Facebook groepen gemaakt om Iraanse vrouwen te redden en om je van Wilders te distantiëren. Een dozijn websites bieden de mogelijkheid om een digitale petitie te beginnen, met praktisch elk denkbaar onderwerp. In het kader van de vooruitgang hebben we nu allemaal een mening over een onderwerp in minder tijd dan het kost om een Tweet te schrijven. Misschien moeten we een nieuwe term invoeren om met deze wondere Web 2.0 wereld in gelijke pas te blijven. Geen salon-socialisme meer, maar de muisklik-mening; een mening die moeiteloos en anoniem kan worden uitgebracht, zonder de eigenaar bloot te stellen aan nare zaken zoals discussies of debat.
Vanzelfsprekend is de formatie lijdend voorwerp van een veelheid van dit soort meningen. Na de Facebook-groep om excuses aan te bieden voor de 24 zetels van Wilders, ontstond er ook een heuse petitie tegen Paars+. Waar de eerste nogal vreemd was omdat deze bestond uit mensen die toch al niet op Geert Wilders gestemd hadden, begreep ik van de tweede nog minder. Op het moment dat niemand nog wist hoe een mogelijk akkoord tussen de Paars+ partijen eruit zou gaan zien, hadden toch al 53.000 mensen besloten een dergelijke overeenkomst onaanvaardbaar te vinden. Niet vanwege de inhoud, maar gewoon omdat de kleur paars ze niet aanstaat.
Voor Mark Rutte is de situatie nog penibeler. Een kwart van zijn kiezers is ondertussen al virtueel gedeserteerd naar de PVV en ook de waardering van zijn persoon is gekelderd. Ook hier snap ik weer weinig van. Zoals ik het zie, probeert Rutte nog steeds het beste te maken van de moeilijkste verkiezingsuitslag sinds tijden. Maar in hoeverre we iemand ‘vertrouwen’ heeft tegenwoordig blijkbaar minder te maken met de persoon zelf, dan in hoeverre hij of zij de massa instantane electorale gratificatie kan bezorgen. Het cohort deserteurs is al helemaal bizar. Hebben deze mensen eigenlijk wel de moeite genomen om voor de verkiezingen de partijprogramma’s van hun beider favoriete partijen te lezen? Gezien het omvangrijke aantal punten waarop de partijen het oneens zijn (zorg, islam, EU, buitenlandbeleid, AOW, studiefinanciering) zou je haast denken van niet.
Nu ben ik geen expert, maar het lijkt me dat de Twitter-politiek van de afgelopen verkiezingsstrijd hier toch deels debet aan is. Politieke standpunten moeten tegenwoordig schijnbaar in 140 tekens samen te vatten zijn, of op zijn minst een mooie oneliner opleveren. Zo’n vorm van debat leent zich bijna alleen nog maar voor ad hominem argumenten, maar aangezien dat mooie televisie oplevert vinden we dat niet erg. Uiteindelijk staan twee mensen te roepen dat de ander een gevaar voor de rechtsstaat is, maar legt niemand meer uit waarom, kiezen we aan het eind een winnaar, en doen we alsof dat iets met een discussie te maken heeft.
Misschien wel het meest schadelijke is het gebruik van de ‘containerbegrippen’ links en rechts. Helaas hebben alle partijen, ook de mijne, zich daaraan schuldig gemaakt. Aan de ene kant heette het dat de crisis ‘van rechts’ kwam. Ter rechterzijde ageerde men tegen de ‘linkse kerk’, ‘linkse hobby’s’ en ‘linkse subsidieslurpers’. Wederom allemaal mooie oneliners, maar weinig verhelderend. Schadelijker is dat deze binaire terminologie uiteindelijk de positie van argument heeft gekregen. ‘Linkse subsidies’ werd een argument zonder dat uitgelegd hoefde te worden wat dat precies inhoud. Aan de andere kant sprak men over de ‘rechtse graaicultuur’, hoewel je je redelijkerwijs kan afvragen in hoeverre het MKB in Nederland de crisis veroorzaakt heeft.
Meest problematische consequentie is het virtuele tweepartijenstelsel dat ondertussen is ontstaan. Door het gebruik van deze containers heeft het debat praktische elke nuance verloren. Voor velen rechtser dan het CDA zijn GroenLinks, SP, PvdA en zelfs D’66 allemaal hetzelfde, want allemaal ‘links’. Ter linkerzijde gebeurt hetzelfde, maar dan met VVD, PVV en ook weer D ’66. Opeens lijkt het dan ook niet meer zo vreemd dat het CDA het onderspit delfde in deze titanenstrijd tussen links en rechts, aangezien de partij dankzij haar poging in het midden te blijven altijd door haar tegenstanders in het vijandelijke kamp geschoven kon worden.
Zodoende ontstond het idee dat de PVV en de VVD eigenlijk hetzelfde waren. Beide partijen zijn immers ‘rechts’. De uitendelijke keuze voor een partij lijkt voor veel mensen ook meer van het desbetreffende poppetje te hebben afgehangen dan van de daadwerkelijk aanwezige verschillen. Dus omdat Rutte nu daadwerkelijk probeert het land bij elkaar te formeren en Wilders goedkoop vanachter de coulissen van het politiek toneel staat te fulmineren, besluit een half miljoen mensen van stem te wisselen. In totaal zijn bijna een miljoen mensen alweer van voorkeurspartij veranderd, als we Maurice de Hond tenminste moeten geloven.
Om de dreigende kloof tussen burger en Den Haag te dichten, moest de politiek makkelijker communiceren. Tegenwoordig hebben we Twitter, Facebook en TV-debatten om ons in drie zinnen de hele politiek uit te leggen. Dankzij de Stemwijzer en Kieskompas denken we intussen dat de politiek ook daadwerkelijk tot 30 ja/nee stellingen te reduceren is. Een mening onderbouwen was vroeger misschien nog nodig, nu is er eentje hebben al voldoende. Wat mij betreft is de vraag niet langer waarom de burger geen vertrouwen heeft politici, maar of landsvertegenwoordigers nog wel vertrouwen mogen hebben in burgers met een politiek besef dat slechts één Tweet diep is. Laten we dus eindelijk ophouden met die valse versimpeling van een complexe werkelijkheid. Tot nu toe heeft het ons namelijk nog weinig goeds gebracht.

Akkoord, de vraag is natuurlijk: hoe overtuig je stemmers op een complex standpunt te stemmen?
Ik ben bang dat pas de tweede stap is. De eerste stap is mensen overtuigen dat sommige problemen inherent complex zijn.
Helaas heb ik niet direct een oplossing. Wellicht dat het helpt als er in de media meer ruimte wordt gegeven aan kritiek op al te simpele standpunten. Probleem is dan weer dat dat niet ‘sexy’ genoeg is. En politic zouden zich minder kunnen laten leiden door allerlei peilingen en statistiekjes en af en toe ook ‘het volk’ moeten durven weerstaan als dat maar een oppervlakkig idee van het probleem heeft.
Maar het onderliggende cultuurprobleem lijkt me moeilijker. Blijkbaar heerst het idee heel erg dat iedere mening even zinvol is, ongeacht hoe doorwrocht deze is. Dan eindig je met een land met 17 miljoen premiers, die ook gelijk in woede ontsteken als de daadwerkelijke politici niet exact doen wat zij vinden.
Natuurlij kan je als verantwoordelijk burger ook zelf altijd nog proberen zo goed mogelijk op de hoogte te blijven en ook niet de discussie te schuwen. Maar als je dan ziet hoe ‘discussies’ op bijv. websites van kranten er dan aan toegaan, dan zakt de moed je ook af en toe zeer diep in de schoenen.
Ik kan het niet met je eens zijn. Ook jaren geleden hadden mensen geen idee waar ze op stemden.
Heel lang geleden stemden mensen gewoon op wat ze moesten stemmen van hun familie, kerk of andere sociale groepje.
Later kozen ze wel voor een partij, maar ook vijf jaar geleden, voor Twitter en Facebook, moest je goed zoeken naar mensen die ook maar drie partijpunten op konden noemen van de partij waar ze op wilden stemmen.
Jaren geleden had ik een bijbaantje, met een heleboel oudere dames in het bedrijf, type huismoeder waar de kinderen het nest van verlaten hebben. Die stemden toen ook al op Wouter Bos omdat ie een lekker kontje had (vonden zij dan he, ik niet, voor alle duidelijkheid). En wat links of rechts was, geen idee. Liberalisme en socialisme waren moeilijke woorden. Ze bespraken politiek waar ik bij was. Dan vloog er door de kantine weer een “nee, de VVD is soosisties!” en dan dacht ik, moeten deze mensen nu echt uit gaan maken welke kant we op gaan met dit land? Ik werd er soms behoorlijk moedeloos van.
Voor veel mensen is het gewoon allemaal erg ingewikkeld. Je kan niet verwachten dat iedereen van alle onderwerpen wat af weet. En hoe dan ook houden mensen niet van feiten. Mensen willen, in alle omstandigheden, ook als het om politiek gaat, gewoon eenvoudig kiezen. Hapklare brokken, duidelijke hokjes en een persoon of groep waarmee ze zich kunnen identificeren. Mensen stemmen niet met hun hoofd.
Clementine,
Dat is uitstekend. Als iedereen het hier met me eens was, bleef ik maar monologen neerzetten zonder er daadwerkelijk iets van te leren. Je reactie wordt dus zeker gewaardeerd.
Ik zie je punt dat het ‘vroeger’ niet veel beter was. Toch zie ik ook twee verschillen.
1) De communicatie via Facebook/Twitter etc. gaat twee kanten uit. De moeders uit jouw voorbeeld oefenden geen invloed uit op Rutte, omdat hij niet van hun bestaan wist. Tegenwoordig hebben we ongeveer 24/7 peilingen, ondersteund met Facebook groups en wat niet al, die toch een zekere invloed hebben op het politieke proces. Voorheen kon je nog 4 jaar wachten om te zien of beleid positief of negatief uitpakte, nu moeten de resultaten binnen een week binnen zijn.
2) Volgens mij is er ook een trend binnen de politiek om het spel maar mee te spelen en te doen alsof regeren inderdaad akelig makkelijk is. Vooral Wilders heeft daar een handje van. Zelfs als ‘het volk’ weigert zich in de materie te verdiepen, zouden politici moeten blijven proberen de problemen zo reëel mogelijk toe te lichten. Op het moment dat je gaat doen alsof Henk en Ingrid even goed kunnen regeren als Mark en Femke, stimuleer je de eerste twee niet echt om toch even wat meer na te denken. Bovendien wek je valse hoop, omdat Henk en Ingrid elke keer weer teleurgesteld worden als de realiteit weerbarstiger blijkt dan de Stemwijzer deed voorkomen. Met navenante verwijten aan ‘Den Haag’ tot gevolg.
Aan de andere kant snap ik de moedeloosheid ook wel weer. Je hoeft alleen maar een ‘discussie’ op de website van een krant te lezen om een onaangenaam treurig gevoel op te lopen. Desalniettemin denk dat we moeten blijven proberen om mensen tot nadenken aan te zetten. Vooralsnog is dat misschien de enige manier. Als we niet meer van mensen durven vragen dat ze moeite doen voor de democratie, kunnen we die misschien maar beter gelijk bij het vuil zetten.
Met je reactie ben ik het dan wel weer helemaal eens. De directe invloed van de burger op de politici is – stom genoeg – iets waar ik eigenlijk nog niet zo veel bij had stilgestaan.
Overigens heb ik nu ook een stukje op mijn weblog geschreven wat hier deels over gaat. Ik heb je hierin ook genoemd en gelinkt naar je blogje. Ter info.